De opgestane Heer

Er zijn geestelijken die beweren, dat wij niet in een letterlijke opstanding van Christus uit de dood hoeven te geloven.
We zijn gewend zulke uitspraken uit de mond van vrijdenkers te horen, maar hoe komen theologen tot een dergelijke conclusie?
De kwestie is niet slechts van academische aard;
de apostel Paulus betoogde dat ons geloof hierbij staat of valt:

  “Maar als Christus niet is opgewekt, is uw geloof nutteloos”
(1 Kor 15:17).

Deze situatie is niet nieuw; in de eerste eeuw twijfelden sommige Christenen aan de opstanding, anderen gaven er een totaal andere uitleg aan. Paulus maakte zich grote zorgen over een zekere Hymenaüs en Filetus, die

“van de waarheid afgedwaald zijn door te beweren dat de opstanding al heeft plaats gevonden” (2 Tim.3:18).

Men proeft hier de neiging wonderen te negeren en op een andere manier te verklaren.
De opstanding zou dan een geestelijke opwekking zijn, iets dat in dit leven plaats vindt. De Griekse filosofen uit die tijd wilden niets van een onsterfelijk lichaam weten; voor hen was het lichaam slechts een omhulsel voor de ziel, iets dat na de dood niet meer nodig zou zijn. Paulus kwam deze houding in Athene tegen, toen de leden van de Areopagus de spot met hem dreven, omdat hij over een opstanding uit de doden redeneerde (Hand. 17:32). De twijfels die bij de gelovigen in Korinte en elders zijn ontstaan, zijn kennelijk aan zulke Griekse invloeden te wijten.

Staat het geloof in de opstanding van Christus dan op losse schroeven, of hebben wij bewijs genoeg dat deze werkelijk gebeurd is?

Als wij tot de Bijbel gaan, vinden wij een consistent getuigenis: de Nazareense leermeester Jeshua (Jezus Christus) is gestorven en opgestaan. Vooral de apostel Johannes levert het doorslaggevend bewijs wanneer hij de dood van zijn Heer beschrijft (Joh.
19:31-37).

“31  Aangezien het voorbereidingsdag was en de Joden niet wilden dat de lichamen op sabbat aan het kruis bleven – het was bovendien een grote sabbat – vroegen zij aan Pilatus verlof de benen van de gekruisigden te breken en hen weg te nemen. 32 Daarom kwamen de soldaten en sloegen zowel bij de ene als bij de andere die met Hem was gekruisigd, de benen stuk. 33 Toen zij echter bij Jezus kwamen en zagen dat Hij reeds dood was, sloegen zij Hem de benen niet stuk, 34 maar een van de soldaten doorstak zijn zijde met een lans; terstond kwam er bloed en water uit. 35 Die het gezien heeft getuigt hiervan; zijn getuigenis is waar en hij weet, dat hij de waarheid zegt, opdat ook gij zoudt geloven. 36 Dit is gebeurd opdat de Schrift zou vervuld worden: Van zijn gebeente zal niets worden verbrijzeld, 37 terwijl nog een ander Schriftwoord zegt: Zij zullen opzien naar Hem die zij hebben doorstoken.” (Joh 19:31-37 WV78)

Als Jezus niet werkelijk gestorven is, dan is er uiteraard geen sprake van een opstanding.
Waarom braken de Romeinse soldaten de benen van Jezus niet?
Omdat Hij al gestorven was! Denken wij dat die soldaten een fout gemaakt hebben? Zelfs als dat het geval geweest zou zijn, hebben wij het aanvullende bewijs voor zijn dood in het feit dat toen die soldaat zijn lans in Jezus’ zij stak, er bloed gemengd met water uitvloeide. Hier is het ontegenzeggelijk bewijs dat het hart niet meer functioneerde. Maar de opstanding dan?
Terug naar Paulus’ eerste brief aan de Korintiërs, hoofdstuk 15. De reden voor dit lange betoog over de opstanding vinden wij in vers 12:

“Maar wanneer nu over Christus wordt verkondigd dat hij uit de dood is opgewekt, hoe kunnen sommigen van u dan zeggen dat de doden niet zullen opstaan?”

Het bewijs berust voor de apostel op de veelheid en betrouwbaarheid van getuigen,maar nog meer op de vervulling van profetie:

“Het belangrijkste dat ik u heb doorgegeven, heb ik op mijn beurt ook weer ontvangen: dat Christus voor onze zonden is gestorven, zoals in de Schriften staat, dat hij is begraven en op de derde dag is opgewekt, zoals in de Schriften staat …” (verzen 3-4).

Dan pas volgt de hele lijst van getuigen, die de opgestane Heer gezien hebben (vv.5-8). Met andere woorden, Jezus moest opstaan volgens Gods voornemen, want Hij had in Zichzelf de zonde overwonnen en daarom had Hij de dood niet verdiend. Petrus constateerde op de Pinkster-dag:

“God evenwel heeft Hem opgewekt, want Hij verbrak de weeën van de dood, naardien het niet mogelijk was, dat Hij door hem werd vastgehouden” (Hand.2:24, NBG).

Om dan te vervolgen met de profetische woorden van David:

“mijn vlees zal nog een schuilplaats vinden in hope, omdat Gij mijn ziel niet aan het dodenrijk zult overlaten, noch uw heilige ontbinding doen zien” (verzen 26-27, NBG).

Wat later zou de apostel Paulus hetzelfde argument gebruiken:

“En dat Hij Hem uit de doden heeft opgewekt, zonder dat Hij weer tot ontbinding zal wederkeren, heeft Hij aldus gezegd: Ik zal U het heilige van David geven, dat betrouwbaar is; en daarom zegt Hij ook in een andere psalm: ‘Gij zult uw Heilige geen ontbinding doen zien’” (Hand. 13:34-35, NBG).

File:Duccio di Buoninsegna Emaus.jpg
Emmausgangers – Maestà, Altarretabel des Sieneser Doms, Rückseite, Hauptregister mit Szenen zu Christi Passion, Szenen: Christus erscheint zwei pilgernden Apostel in Emmaus

Maar wat heeft de discipelen overtuigd dat Jezus werkelijk opgestaan is? Want na zijn dood waren zij moedeloos zonder enige verwachting dat Hij weer tot leven zou komen.

“ Wij leefden in de hoop dat Hij degene was die Israël zou bevrijden”,

klonk het somber uit de mond van Kleopas op weg naar Emmaüs (Luc. 24:18,21). Pas toen hun medereiziger, na zijn bewijsvoering uit de Schriften dat de Messias zoveel moest lijden, bij hen in huis het brood brak, herkenden zij Hem. (verzen 28-35).

Voor anderen was het lege graf het bewijs. De vrouwen, die vroeg in de ochtend van de derde dag met specerijen bij het graf gekomen waren, konden hun ogen niet geloven toen zij die grote grafsteen opzij gerold zagen. Het waren twee engelen die hen tot rust moesten brengen met de blijde boodschap:

“Waarom zoekt u de levende onder de doden? Hij is niet hier, hij is uit de dood opgewekt” (verzen 1-8).

File:Accademia - Pietà by Titian.jpg
Pietà door Titian, Gallerie dell’Accademia in Venice.

Laten wij even stilstaan bij de manier waarop Jezus begraven werd.
Wij lezen dat Jozef uit Arimatea en Nikodemus samen zijn lichaam in linnen gewikkeld hebben, met een mengsel van mirre en aloë, honderd liter of ongeveer 34 kg. in gewicht (Joh. 19:38-40). Eén van onze broeders, die hoofdapotheker was bij een groot Engels ziekenhuis, heeft bij wijze van experiment dit mengsel nagemaakt. Binnen 24 uur verhardde het zodanig, dat het op gips leek. Hoe zou een gekruisigd en totaal uitgeput mens ooit uit zo’n gevangenis kunnen komen, tenzij God dat gedaan zou hebben? Toch werd hun getuigenis niet door de apostelen aanvaard; Petrus en Johannes moesten eerst zelf naar het graf gaan om o v e r t u i g d te raken dat Jezus er niet meer lag (Joh. 20:3-9).

“3 Daarop gingen Petrus en de andere leerling op weg naar het graf. 4 Ze liepen samen vlug voort, maar die andere leerling snelde Petrus vooruit en kwam het eerst bij het graf aan. 5 Vooroverbukkend zag hij de zwachtels liggen, maar hij ging niet naar binnen. 6 Simon Petrus die hem volgde, kwam ook bij het graf en trad wel binnen. Hij zag dat de zwachtels er lagen, 7 maar dat de zweetdoek die zijn hoofd had bedekt, niet bij de zwachtels lag, maar ergens afzonderlijk opgerold op een andere plaats. 8 Toen pas ging ook de andere leerling die het eerst bij het graf was aangekomen, naar binnen; hij zag en geloofde, 9 want zij hadden nog niet begrepen hetgeen er geschreven stond, dat Hij namelijk uit de doden moest opstaan.” (Joh 20:3-9 WV78)

Zij zagen de linnen windsels liggen en de hoofddoek apart daarvan opgerold. Kennelijk bleef dat ‘gips’ intakt maar nu leeg. Niemand twijfelde in die tijd aan het feit dat het graf leeg was, zelfs de bewakers en de hogepriesters niet, want die moesten een smoes bedenken om dat te verklaren, namelijk dat de discipelen ‘s nachts waren gekomen om het lichaam weg te halen (Matt. 28:11-15).

“11  Terwijl de vrouwen onderweg waren, gingen enkelen van de bewakers naar de stad en berichtten aan de hogepriesters alles wat er was voorgevallen. 12 Dezen hielden een bijeenkomst met de oudsten en na overleg gaven ze aan de soldaten een flinke som geld, 13 met de opdracht: ‘Zegt maar: Zijn leerlingen zijn Hem in de nacht komen stelen terwijl wij sliepen. 14 En mocht dit soms de landvoogd ter ore komen, dan zullen wij hem wel kalmeren en er voor zorgen dat gij geen last krijgt.’ 15 Zij namen het geld aan en deden zoals hun voorgezegd was. Dit verhaal is onder de Joden verder verteld tot op de dag van vandaag.” (Mt 28:11-15 WV78)

Hoe zou het bezit van een dood lichaam kunnen verklaren dat deze ontmoedigde discipelen ineens blijde en onstuitbare predikers van het evangelie geworden zijn? Neen, alleen de opgestane Heer zou hen de moed kunnen geven voor Hem te getuigen en zelfs desnoods voor Hem te sterven. Plotseling verscheen Hij onder hen, en om hen er nog sterker van te overtuigen dat Hij echt leefde, liet Hij Zich door hen aanraken en gebruikte Hij voedsel.

“Kijk naar mijn handen en voeten, Ik ben het Zelf! Raak me aan en kijk goed, want een geest heeft geen vlees en beenderen zoals jullie zien dat Ik heb” (Luc. 24:39).

De Heer is opgestaan! Laten wij dit feit met blijdschap aanvaarden, want Zijn opstanding tot eeuwig leven is de garantie, dat allen die in Hem geloven ook het eeuwige leven zullen ontvangen, wanneer Hij terugkomt:

“ Maar Christus is werkelijk uit de doden opgewekt, als de eerste van de gestorvenen…Zoals wij door Adam allen sterven, zo zullen wij door Christus allen levend worden gemaakt. Maar ieder op de voor hem bepaalde tijd: Christus als eerste en daarna, wanneer Hij komt, zij die Hem toebehoren” (1 Kor. 15:20-23).

+

Gelijkaardig onderwerp in het Engels

For the English readers, a article handling similar content may be found: The resurrected Lord

++

Aanvullende lectuur

  1. Leven gedefinieerd door de dood
  2. Al of niet onsterfelijkheid
  3. Onsterfelijkheid
  4. Onsterfelijkheid – Immortaliteit
  5. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 4 De ziel – een Grieks beeld
  6. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #6 Constantijn de Grote
  7. Christus is waarlijk opgestaan uit de dood

+++

Gerelateerd

  1. Betreft de Mens
  2. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 1 Levensadem en ziel
  3. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 4 De ziel – een Grieks beeld
  4. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 5 Griekse bezwaren tegen de opstanding
  5. Jesus leef: geloof of gelieg? 
  6. Los Mý, gaan kerk!
  7. Alles het verander
  8. Shadow of Death
  9. Did Jesus Rise from Death?
  10. The Humanity of Jesus & the Kingdom of God: a Conversation with Cherith Fee Nordling (Part I)
  11. From Death to Everlasting Life!
  12. John 20: 1 Sabbath Rest
  13. John 20:2 Death Responses
  14. He Has Been Raised
  15. Because He Has Risen I Have a New Identity 
  16. Risen or still dead

One thought on “De opgestane Heer

Geef een reactie - Give a reaction

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.