Recht en Innerlijke houding voor het bidden tot God

“7 In de dagen van zijn sterfelijk leven heeft Hij onder luid geroep en geween gebeden en smekingen opgedragen aan God die Hem uit de dood kon redden. Om zijn vroomheid is Hij verhoord: 8 hoewel Hij Gods Zoon was, heeft Hij in de school van het lijden gehoorzaamheid geleerd; 9 en toen Hij het einde had bereikt, is Hij voor allen die Hem gehoorzamen oorzaak geworden van eeuwige heil,” (Heb 5:7-9 WV78)
Jezus leven van gebed zou voor ons een sleutel moeten zijn naar de deur om de Weg te vinden. Een sleutel om de oplossingen te vinden voor ons leven en voor onze bediening.
Niet enkel in de tuin van Getsemane nam de Zoon van God de Schepper van deze wereld in zijn gedachten op om Hem iets te vragen. Regelmatig had Christus Jezus stilte opgezocht om tot Zijn Vader te bidden. (Mt 14:23; Lu 5:16; Mr 1:35; Lu 6:12)Ook al kon Jezus weten wat er met Hem zou gebeuren, welk lot Hem te wachten stond indien Hij Zijn keuze bevestigde met vast te houden aan de Wil van God, gaf Jezus nooit in om een andere weg te kiezen. Duidelijk liet Hij weten aan Zijn Vader dat Zijn Plan het voornaamste was en dat Hij, nederige dienaar van God, de Wil van Zijn Vader wilde doen.
Merk op hoe dat Christus er niet om smeekte om Zijn problemen opgelost te krijgen, maar eerder om het goede van anderen en dat datgene zou gebeuren dat God verlangde. Hij bleef Zijn onderdanigheid tonen tegenover Zijn Vader. Ook al had Christus het voorrecht om zo hooggeplaatst te zijn, Hij voelde zich nimmer te min om anderen te laten weten dat het niet Hij was die de prachtige dingen als genezingen deed, maar dat het Zijn Vader was aan wie wij ook dank verschuldigd zijn.
Jezus heeft ons een modelgebed aangeboden (Het Onze Vader) en regelmatig verzocht Hij zijn Vader om ons te leren (Lu 11:1) en verzocht Hij zijn volgelingen nooit hun hart te verliezen en steeds te bidden. (Lu 8:1) Hij raadde ons aan dit zelfs zonder ophouden te durven doen, dag en nacht. Wij zullen er op mogen rekenen dat de goede gaven van God over ons zullen komen en dat wij onversaagd zullen moeten uitkijken met een onbezweken hart.
Als mensen kunnen wij niet onderuit aan de gebreken die wij hebben, maar trachten toch het beste voor onze kinderen te geven. Waarom zou God dan minder geven aan ons?
De mens Jezus heeft zich nooit te hoog geacht om Zijn Vader verzoeken te brengen en om op Hem te rekenen. Men zou kunnen zeggen dat wij te min zijn om God de Schepper van hemel en aarde aan te spreken. Maar wij staan niet laag op de ladder. Door Christus Zijn offerdaad kunnen wij nu juist hoger op de ladder klimmen en dichter tot God komen. Nu zijn wij juist bevoorrechten geworden om intenser met onze Vader te kunnen spreken.
Effectief heeft Jezus ook wel eens het gevoel gehad dat God Hem verlaten had. (Mt 27:26) Ook wij kunnen soms met dat gevoelen rondlopen. Nochtans zouden wij dan als Christus moeten doen, die vasthield aan Zijn geloof in de Getrouwheid van Zijn Vader. Omtrent de moeilijkheden die ons dan omringen zouden wij dan moeten denken aan Christus aan de Martelpaal die op het ogenblik van Zijn ergste lijden niet met zichzelf begaan was maar met het lot van de anderen. Voor dat Hij ging sterven vroeg Jezus nog dat die anderen vergiffenis zouden krijgen zodat zij toch het leven konden krijgen. (Lu 23:34;46)

#So 3:1; Ho 4:1,2; Jas 1:13-17; Ps 27:14; La 3:26; Lu 18:7; Ps 62:1,5.

Advertisements

10 thoughts on “Recht en Innerlijke houding voor het bidden tot God

Geef een reactie - Give a reaction

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s